Annemarie van Doorn

Annemarie van Doorn
Directeur Dutch Green Building Council

Innovaties

“De gebouwde omgeving is verantwoordelijk voor 40 procent CO2-uitstoot in Nederland. Er ligt een grote opgave om gebouwen duurzamer te maken. Dat kan onder meer met slimme technieken. Een belangrijk kenmerk van smart buildings zijn innovaties die ze slim maken, vaak te vinden in de ICT-hoek.

In zekere zin zijn koppelingen van ICT-oplossingen aan een gebouw al een innovatie op zich. Ze stellen de gebruiker in staat om er efficiënter mee om te gaan. Met sensoren en monitoring bijvoorbeeld zijn het ritme, het gedrag en de bewegingen van mensen in een pand in kaart te brengen. Hierdoor is het onder meer mogelijk om ruimten op de tijden dat ze niet worden gebruikt af te sluiten, wat leidt tot besparingen.”

Duurzaam

“Een andere eigenschap van een slim gebouw is het duurzame materiaalgebruik. Door materialen slim in te zetten kan goed worden ingespeeld op eventuele functieveranderingen in de toekomst.

Gezondheid en comfort zijn eveneens belangrijke aspecten in een slim gebouw. Er moet een prettig binnenklimaat heersen voor de gebruiker zodat deze gelukkig is en aandoeningen zoals het ‘sick building syndrome’ worden voorkomen.

Medewerkers worden minder vaak ziek in een prettige en groene omgeving, maar dat besef is er nog niet overal voldoende. Daarnaast valt bij smart natuurlijk te denken aan de aanwezigheid van een goede infrastructuur en bereikbaarheid.”

Datakoppelingen

“Toch is een smart building niet in alle gevallen onverdeeld prettig. Het is de vraag of gebruikers willen werken in gebouwen waar dankzij koppelingen tussen data alle bewegingen worden geregistreerd en er een Big-Brother-is-watching-you-achtige setting ontstaat.

De menselijke maat moet worden behouden; normaal kunnen functioneren en zelf invloed blijven houden op de omstandigheden is heel belangrijk.”

Niet zo slim

“In een smart building moet goed duidelijk zijn waar bepaalde slimme toepassingen voor dienen en hoe ze werken. Het optimaal functioneren van smart buildings komt niet altijd even goed van de grond doordat technologie niet op de juiste manier is geregeld en verschillende elementen niet goed op elkaar zijn afgestemd.

“Smart zijn gebouwen alleen als we ze begrijpen”

Zo is het natuurlijk niet zo smart als de verwarming meteen aan schiet op het moment dat iemand een ruimte binnenstapt, om daar vervolgens een raam open te zetten.

Om smart buildings echt smart buildings te laten zijn -en blijven- moet je ze natuurlijk begrijpen. Daarom is een goed beheer ervan zo belangrijk.

Daarnaast bestaat er te weinig inzicht in hoe bestaande gebouwen slimmer kunnen worden gemaakt. Het proces verloopt te langzaam.

Een reden waarom de Dutch Green Building Council het Deltaplan Duurzame Renovatie uitbracht. Het laat de kansen en mogelijkheden in het slimmer maken van de gebouwde omgeving zien.”

Rol

“Er zitten nog meer haken en ogen aan het slimmer maken van gebouwen. Zo ontbreekt in veel gevallen de financiële drive, en struikelen verhuurders en huurders in de praktijk vaak over de financieringsvraag.

Mede daarom moet inzichtelijker worden wat ieders rol is en wat de resultaten kunnen zijn voor elke partij. Het betekent dat werkgevers zich moeten inzetten voor een prettig klimaat voor medewerkers in het gebouw.

Maar ook dat de gebruiker een aanjagende rol kan hebben en de verhuurder erop kan aanspreken als er niet wordt voldaan aan eisen voor duurzaamheid en comfort.”

Bewustzijn

“Al met al blijft het slimmer worden van gebouwen voorlopig een uitdaging. Ik zie voor de Dutch Green Building Council een taak om gebruikers voor te lichten over het belang van smart buildings om zo het bewustzijn te vergroten.

Niettemin gaat er ook veel wel goed. Zo zien we bijvoorbeeld hotels en musea zich inspannen om het duurzaamheidscertificaat BREEAM-NL te behalen. En als dergelijke ontwikkelingen eenmaal gaan rollen, kan het heel hard gaan.”

5 tips voor een slimmer gebouw

Annemarie van Doorn deelt tips voor een slimmer gebouw:

  1. “Bekijk het gebouw in zijn geheel en probeer in kaart te krijgen wat de mogelijkheden zijn om het slimmer te maken. Een gratis tool om te zien hoe duurzaam het is, is (www.greenbuildingscan.nl)
  2. “Er zijn diverse vragen die moeten worden gesteld. De leefbaarheid is belangrijk, maar misschien ook wat je wilt uitstralen. Heel bepalend is wat er valt te investeren. Dat betekent keuzes maken.”
  3. “Ga na wat relatief eenvoudig snel het meest oplevert. Het dak meteen volleggen met zonnepanelen is dus zeker niet altijd de verstandigste optie. De meeste winst zit vaak juist in energiebesparing.”
  4. “Laaghangend fruit kan ‘m ook zitten in de vervanging van systemen. Is de installatie voor het binnenklimaat aan zijn eind gekomen? Kies dan meteen voor een nieuwe variant die een stuk duurzamer is.”
  5. “Stel vast wat er is bereikt met de maatregelen. Wat betekent een duurzamere klimaatinstallatie bijvoorbeeld voor het binnenklimaat? En biedt die naast energiebesparing ook comfort voor de gebruiker?”