“Het heeft geen zin een groene wei te zoeken als er niemand anders is”

Daan van Vliet (Unica) roept op tot samenwerking en communicatie. 

Daan van Vliet (Unica) is ervan overtuigd dat iedereen de wil heeft om de wereld beter te maken. Of in ieder geval niet slechter achter te laten. Zelf heeft hij dat ook, als privépersoon, maar ook zijn inspanningen bij Unica zijn de afgelopen dertig jaar gericht op verduurzaming. Als er één ding is dat hij heeft geleerd, is dat je over duurzaamheid moet blijven communiceren. “We kunnen nog steeds niet goed genoeg uitleggen wat er allemaal al kan.”

Het hijgerige is er gelukkig wel vanaf, de hype rond duurzaamheid is over, vindt Van Vliet. “Jarenlang hebben we geëxperimenteerd. We hebben veel kennis en ervaring opgedaan. We zijn gevallen en weer opgestaan. Maar het is eigenlijk nog maar het aanloopje geweest. We zijn nu in de fase beland waarin we meters kunnen gaan maken.”

Van Vliet gelooft ook dat de wereld in beweging komt. Hoewel hij ook signalen krijgt die het tegendeel lijken te bewijzen. “Als een ontwikkelaar of belegger tegen me zegt: mijn investeerders vragen niet om duurzaamheid, dan geloof ik dat gewoon niet. Echt niet. Je kunt mij niet wijsmaken dat het een investeerder totaal niet interesseert. Ik ben zelf 67. In de bouwwereld kom ik veel mensen tegen van mijn leeftijd, met kinderen, kleinkinderen; daar wil je de wereld toch mooier voor achterlaten? Ik ben ervan overtuigd dat er een grote onderstroom is die er echt mee aan de gang wil.”

Je eigen groene wei

Toch zijn er nog tal van uitdagingen, weet Van Vliet. Op het gebied van samenwerking bijvoorbeeld. “Ik zeg wel eens: ‘het heeft geen zin een groene wei te zoeken als er niemand anders is.’ Daar word je niet gelukkig van, al is het gras nog zo groen. Voor alle duurzame oplossingen geldt dat je je omgeving mee moet krijgen.”

De MultiDuct

Van Vliet noemt een voorbeeld uit eigen koker, van inmiddels al bijna dertig jaar terug. Na veel onderzoek bracht Unica de zogenaamde MultiDuct op de markt. Het was een witte doos met daarin alle duurzame techniek voor een woning. “Luchtverwarming, warmwater, ventilatie, warmteterugwinning, noem maar op. Een prachtuitvinding, heel duurzaam, uitermate geschikt voor de premiewoningen van die tijd. Je kon er het gasverbruik mee halveren”, vertelt Daan van Vliet.

Er was alleen één maar, de overheid was er nog niet klaar voor. Hierdoor werd de besparing die met het apparaat kon worden bereikt tenietgedaan door een verlaging van de premie. “Het heeft dus geen zin in je eentje geweldige duurzame oplossingen te verzinnen als niemand die begrijpt of accepteert.” Van Vliet zou graag meer ketensamenwerking zien. “Bedenkers, installateurs, financiers; met een combinatie van partijen die elkaar liggen kun je het beste in elkaar naar boven halen.”

Geef de wereld niet de schuld

Naast ketensamenwerking is de duurzaamheidswereld gebaat bij goede communicatie. “Ik vind: je moet de wereld niet de schuld geven dat ze het allemaal niet snappen. Dan moet je het beter uitleggen. Er ligt een enorme communicatiebehoefte. Over duurzaam bouwen, techniek, BREEAM-NL, enzovoort. Duurzame voorlopers moeten hierin hun verantwoordelijkheid pakken.”

Leiderschap?

Of het dan om leiderschap gaat? Van Vliet: “Ik vind leiderschap een misbruikte term die ik te vaak in managementboeken lees. Leiderschap wordt teveel gekoppeld aan puntenlijstjes. Daar geloof ik niet in. Een goede leider brengt mensen om zich heen in beweging. Een leider wil niet alleen maar winst maken, maar ook de wereld een stukje mooier achterlaten. Het vertellen van verhalen helpt daarbij.”

“Meer regie nodig bij beleid op ruimtelijke ontwikkeling”

Huib Boissevain (CEO Annexum)  “Meer regie nodig bij beleid op ruimtelijke ontwikkeling”

“Er is niets duurzaams aan een gebouw dat niet gebouwd had hoeven worden”. Is getekend: Huib Boissevain, CEO van fondsbelegger Annexum. Volgens Boissevain moeten we ons richten op transformatie, en niet meer op nieuwbouw.

De voorbeelden van nieuwbouwprojecten op plekken waar dit absoluut niet wenselijk is zijn legio. Rijswijk, Hoofddorp, Houten, veel plaatsen in Limburg. “Gemeenten met veel leegstand waar toch nog wordt gebouwd”, zegt Boissevain. “Ik begrijp het niet. Een dorp waar maar plek is voor vier supermarkten er een vijfde bij bouwen. Het gevolg: vijf supermarkten die het hoofd niet boven water kunnen houden. Daar is niks duurzaams aan, hoe duurzaam je zo’n gebouw ook ontwikkelt.”

Het heeft volgens de directeur van Annexum alles te maken met het beleid op ruimtelijke ontwikkeling in Nederland: daar zit geen samenhang in. “Op landelijke schaal zou de kantorenvoorraad moeten krimpen, maar dat is lang niet het geval.” Volgens Boissevain is regie noodzakelijk. Dat kunnen twee partijen zijn. “De landelijke overheid. Maar die wil het niet. En de banken. Die zijn wel steeds kritischer op de financiering van ontwikkelingen, maar echte regie is het niet.” Zo moeilijk kan het niet zijn, vindt Boissevain. “Als je de CO2-uitstoot kunt berekenen en daar uitstootrechten voor kunt verhandelen, waarom zou het dan niet voor de behoefte aan kantooroppervlakte kunnen? Als de dienstverlening in een gemeente met twee procent stijgt, dan is het toch logisch dat je kantooroppervlak niet met het tienvoudige moet toenemen? Dat is allemaal simpel te meten.”

Duurzaamheid als doel of middel

Wat Boissevain opvalt als het om duurzaam bouwen gaat, is dat er door partijen verschillend naar wordt gekeken. “De een ziet het als een doel op zich, de ander als een middel”, aldus Boissevain. Hij zelf ziet het als een vanzelfsprekendheid, iets wat je gewoon doet. “Vijf jaar geleden had iedereen het over kwaliteit. ‘Wij leveren kwaliteit’ was op vele corporate websites te lezen. Nu zie je het nergens meer. Het is logisch dat je als bedrijf kwaliteit levert. Hetzelfde gaat nu op voor duurzaamheid. Daarom profileren wij ons er niet mee.”

Beperkte invloed

Boissevains opinie over te veel bouwen, al dan niet op duurzame wijze, is er een van iemand die er nauwelijks invloed op heeft. Daar is hij zich van bewust. “Wij zitten als fondsbelegger aan het eind van het traject. Wij zijn laat betrokken bij ruimtelijke ontwikkeling. Ik zie de gebouwenvoorraad dus als een gegeven waar we mee moeten dealen.” Toch vindt Huib Boissevain het belangrijk deze boodschap over te brengen om verandering te stimuleren.
Op zijn vakgebied probeert Boissevain zijn bijdrage te leveren. “Met flexibele huurcontracten bijvoorbeeld. En vaste servicekosten waardoor er geld overblijft om te investeren. Zo doorbreek je de circle of blame.”

Luister naar je klant

Goed luisteren naar je klant is een belangrijke voorwaarde voor verandering en verduurzaming. Door goed te luisteren ontwikkelt Annexum nieuwe gebruikersconcepten en past het haar dienstverlening aan. “Welke organisatie weet nu precies hoeveel mensen er over tien jaar nog werken? Waarom zou je dan een huurcontract voor lange termijn sluiten? Je kunt bijvoorbeeld wel een gedeelte voor langere termijn huren en een gedeelte flexibel. Zo kun je gemakkelijk je kantoor aanpassen aan de grootte van de organisatie. Op die manier gebruik je een ruimte veel efficiënter. Zo’n discussie voeren kost tijd, maar moet wel gevoerd worden.”

Betere producten maken

Wat voor Annexum geldt, geldt voor de gehele bouwsector, vindt Boissevain. “Luisteren naar de klant, daar schieten we enorm in tekort. We zien kantoren toch nog vaak als commodity, een standaardproduct. Een voorbeeld: we bouwen al jaren met stramienmaat 1,80 meter, maar bij de parkeergarage onder het pand stuiten we telkens op hetzelfde probleem dat we er onze auto niet kwijtkunnen. Waarom bouwen we dan nog op deze manier? Wanneer je beter rekening houdt met de wensen en behoeftes van je gebruikers, dan leidt dat tot betere producten.”

“We kunnen een voortrekkersrol op het gebied van duurzaam bouwen opeisen in de wereld”

Coert Zachariasse (Delta Development Group) pleit voor leiderschap. 

Coert Zachariasse is met zijn Delta Development Group een van de duurzame voorvechters van bouwend Nederland. Vorig jaar won hij de eerste prijs in de Duurzame Vastgoed NL. Zijn toonaangevende projecten moeten zijn branchegenoten aansporen tot het versnellen van de verduurzaming van de bebouwde omgeving. Volgens Zachariasse heeft Nederland de potentie om op dit gebied een voortrekkersrol op te eisen in de wereld. “We moeten leiderschap tonen.”

Volgens Zachariasse zijn alle omstandigheden in Nederland gunstig. “We hebben een pragmatische volksaard. We kennen de 80%-20%-regel heel goed. Dat is goed voor de innovatie. Bovendien hebben we een dichtbevolkt gebied, dus de urgentie om te verduurzamen is aanwezig. En daarnaast is er een brede middenklasse die duurzaamheid omarmt. Daarmee hebben we overduidelijk een voorsprong op landen als China en India. Het is ons met watermanagement gelukt, waarom zou dat voor duurzaam bouwen niet kunnen gelden?”

Belemmeringen uit de weg

Het is daarom hoog tijd die transitie te versnellen, vindt Coert Zachariasse. “Daarbij moeten we de belemmeringen uit de weg ruimen. Begrijp me niet verkeerd: realisme vind ik goed. Maar we zullen vooral op zoek moeten naar de manier waarop duurzaamheid bijdraagt aan de businesscase.”

Terug naar de waarden

Zachariasse vindt het essentieel de branche te dwingen te gaan naar onze waarden. Waarom bouwen we eigenlijk? Doen we dat voor het resultaat, de euro’s de vierkante meter, de kwantiteit? Of doen we dat om waarde toe te voegen, en richten we ons op kwaliteit? Dat laatste is de sleutel voor verduurzaming, aldus de voorman van Delta. Zelf haalt hij inspiratie uit zijn gezin. En uit een uitspraak citaat van William McDonough &Michael Braungart: “In the end, the success of our efforts will be measured against how we answered what we have found to be the fundamental question: how do we love all the children, of all species, for all time.”

Toon leiderschap

Belangrijk om de markt te bewegen richting kwaliteit, duurzaamheid en circulariteit is het tonen van leiderschap. “De wereld wordt steeds complexer. De bevolking groeit exponentieel, en daarmee de technische kennis ook. Aan de ene kant zijn we ons aan specialiseren, aan de andere kant proberen we de wereld te versimpelen. Maar we verliezen soms het overzicht. En de samenhang ontbreekt. Dan wordt het rijden in de mist. Duurzame leiders moeten opstaan om orde in de chaos te scheppen.”

Klapraampje was zo gek nog niet

Zachariasse noemt een voorbeeld. “Het klapraampje in schoolgebouwen uit de jaren zeventig. Goed voor de luchtkwaliteit en voor frisse lucht in lokalen. Maar we hebben in de loop van de jaren de plafonds verlaagd voor betere isolatie. Om vervolgens met dure systemen de luchtkwaliteit weer op peil te brengen. Conclusie: het kan dus simpeler. En er is al heel veel uitgevonden. De kunst is daar gebruik van te maken.”

Kwaliteit kwantificeren

De komende jaren ligt de uitdaging bij het kwantificeren van kwalitatieve aspecten in gebouwen. Wat is de waarde van esthetica? Hoeveel is een gezonde medewerker waard? “Pas als we dat goed inzichtelijk kunnen maken, in euro’s, bijvoorbeeld aan de hand praktische en breed geaccepteerde tools, dan kunnen we grote stappen maken. Dan wordt ook de businesscase voor duurzaam bouwen aantrekkelijker. Hier valt de komende jaren nog veel werk in te verzetten.”

<
1
2
3
/
3
>