Cees Jonker, Projectleider Energie bij Vastgoed Belang, is nu zo’n 2,5 jaar bezig om duurzaamheid tussen de oren te krijgen bij vastgoedbeleggers. Bij de kleine beleggers, die vaak één of meerdere panden bezitten, lukt dit goed. Zij zien volgens Jonker de gunstige effecten van duurzaamheid op verhuurbaarheid van panden. Bij grotere beleggers heerst nog terughoudendheid. Om ook hen te overtuigen, gebruikt Vastgoed Belang verschillende instrumenten om het rendement transparant te maken. Een ervan is de Energiekaart voor winkels, die helder maakt welke besparing gehaald kan worden. “Het is een vergelijkingskaart die onder andere laat zien dat huurders veel energie kunnen besparen door verlichting, koeling en verwarming te verduurzamen”, zegt Jonker. “Via de vastgoedbeheerders doen veel huurders hier automatisch aan mee.”

Groengraad

Aan de kant van eigenaren zijn volgens Jonker vaak ingrijpendere maatregelen nodig, zoals het isoleren van de schil. En dat blijkt vooral voor eigenaren die zelf niet de gebruiker van het pand zijn, een struikelblok te zijn. De eigenaar investeert immers en zonder specifieke afspraken profiteert alleen de huurder van de voordelen. Jonker is daarom erg te spreken over de Green Lease, een contractvorm waarbij eigenaar en gebruiker om tafel gaan en afspraken maken over de verdeling van investeringen en opbrengsten. “Je kijkt ieder jaar opnieuw waar je staat en waar je heen wilt. De groengraad kan steeds een stukje hoger.Daar is een hele menukaart voor ontwikkeld”, aldus Jonker.

Terugverdientijd

De vraag naar grip en inzicht blijft ook buiten de energiekaart en Green Lease toenemen.Vandaar dat Vastgoed Belang meewerkt aan een dashboard, waarin de effecten van verduurzaming worden berekend. Deze berekeningen vinden plaats op basis van de normwaarden van de Green Lease en geven onder an- dere inzicht in de terugverdientijden. “We weten dat verlichting een korte terugverdientijd heeft en isolatie van de schil een lange”, zegt Jonker. “Maar in het systeem kun je ook het rendement naar beneden bijstellen, zodat de terugverdientijd korter wordt. Stel je het break even punt vast, dan rollen er maatregelen uit. Kunnen die financieel uit, dan kun je er gelijk mee aan de slag.”