De zorgsector blijkt zelf een zorgenkindje. De investeringen in zorgvastgoed bleven de afgelopen tijd laag. Vreemd is dat niet, want voor zorgaanbieders is het steeds lastiger geworden hun toekomst te schetsen. Hoe geven ze daar de komende jaren dan invulling aan? Die vraag leggen we voor bij Stichting Cordaan, dat zorg biedt aan ouderen en mensen met een verstandelijke en geestelijke beperking.

Eelco Damen

Eelco Damen
Bestuursvoorzitter Cordaan

“We realiseren ons dat we de toekomst van de zorg niet precies weten”, zegt Eelco Damen, bestuursvoorzitter van Cordaan. “Wel weten we een aantal factoren waar we bij de bepaling van ons beleid rekening mee moeten houden. Zo is het duidelijk dat de samenleving vergrijst en de levensverwachting stijgt, waardoor er in de ouderenzorg vaker sprake zal zijn van verschillende ziekteverschijnselen tegelijk. De zorgvraag wordt complexer en zal vooral vanaf 2020 fors gaan toenemen. Voor toekomstige investeringen in zorgvastgoed is dat toekomstbeeld van groot belang.”

Langer thuis

Naast de toenemende vergrijzing blijven mensen steeds meer zo lang mogelijk thuis wonen. “Het gevolg is dat de zorgvraag deels verschuift”, zegt Damen, “Op dit moment wordt er nog bezuinigd op de thuiszorg – erg onverstandig vanuit dit perspectief. Maar op een bepaald moment zal er in geïnvesteerd moeten worden. Woningen moeten levensloopbestendig worden. Zorg thuis stelt steeds meer eisen aan een huis; het moet horizontaal bewoond kunnen worden, met verticale mobiliteit via een lift.”

Dat mensen langer thuis kunnen wonen, is vooral dankzij de huidige technologie. Damen: “Bij ouderen- en gehandicaptenzorg kan sensortechnologie de ontwikkeling van iemands leefstijl tonen of ons alarmeren in mogelijke noodsituaties. Door de groeiende behoefte zal de technologische invloed toenemen. Daarom investeren wij erin. Zo hebben we met Philips net een overeenkomst gesloten om zorgtechnologie te gaan toepassen bij 250 huishoudens in Amsterdam, waarbij wij voor de alarmopvolging zorgen.”

Denken in scenario’s

Een vierde ontwikkeling vormt vooral in de steden een uitdaging: een steeds groter deel van de zorgbehoeftigen is alleenstaand en heeft bovendien steeds vaker een niet-westerse herkomst. Alleenstaanden kunnen vaak in mindere mate een beroep op de omgeving (mantelzorg) doen. “Bijna 25 procent van de alleenstaande 85-plussers in Amsterdam is echt zo eenzaam dat ze nooit iemand zien”, vertelt Damen. “Dat zijn schokkende cijfers. En het lijkt alleen maar erger te worden met de huidige individualiseringstrend. In Amsterdam bestaat 50 procent van de huishoudens uit één persoon.”

Voor mensen met een complexe zorgvraag zal zorg met verblijf dus beschikbaar moeten blijven. Intussen is het eerste ziekenhuis zonder bedden – dus met alleen nog operatietafels – al gerealiseerd, wat de vraag oproept of daardoor niet een behoefte ontstaat aan ‘beddenhuizen’. “Zo vragen wij ons af: moeten we meer of grotere verpleeghuizen realiseren? Vanuit dergelijke onzekerheden trekken wij de beleidsmatige conclusie dat het vastgoed vooral flexibel moet blijven; we moeten in scenario’s denken en flexibel kunnen handelen naar de ontwikkelingen in de zorgmarkt.”

Financiering

Tot een jaar geleden beraadde Cordaan zich, ondersteund door vast financieel adviseur Zanders, nog op de vorming van een vastgoedfonds, vertelt Damen. “Maar dat veranderde toen banken meer ruimte kregen om geld uit te lenen en de rente maar bleef dalen. Als solide partij, met Amsterdams vastgoed, zijn wij interessant voor beleggers. We hadden locaties kunnen verkopen, maar haalden nog steeds hoge rendementen.”

Door de onzekerheid over de toekomst van de zorg is Cordaan nog prudenter geworden in haar investeringsbeleid. Samen met Zanders rekent de zorgaanbieder de effecten van investeringsplannen op de kengetallen door. “Mede als gevolg van het overheidsbeleid is er steeds meer onzekerheid”, zegt Damen. “De gemeente is voorstander van veel zorgaanbieders, terwijl de zekerheid van de AWBZ is weggevallen. Ten opzichte van vijf jaar geleden hebben we daardoor nu 35 procent minder omzet in langdurende zorg. Dat zet ons voor een uitdaging. We houden in onze vastgoedportefeuille daarom een ruime marge aan. Als het beleid verandert, kunnen we dan weer in capaciteit uitbreiden.”