Cruciaal daarbij is dat de klant zelf bepaalt welke zorg hij in zijn woonomgeving wil hebben, stelt Frank van Blokland, directeur van de Vereniging van Institutionele Beleggers in Vastgoed, Nederland (IVBN). In tegenstelling tot vroeger, toen voor en over de oudere werd gedacht, verschuift het perspectief naar de senior zelf. “Wat wil die oudere?

Die is vaak nog niet zorgbehoevend als hij naar een woon-zorgomgeving verhuist, maar hij wil wel zeker weten dat hij de juiste zorg kan krijgen, mocht dat op een gegeven moment nodig zijn”, aldus Van Blokland. Het is volgens hem een belangrijk aspect in de bouw van de kleinschalige woon-zorgcomplexen, zoals De Makroon in Amsterdam, die toeneemt nu wonen en zorg van elkaar zijn gescheiden.

Van Blokland signaleert nog een punt van aandacht. “Zorg- en vastgoedaanbieders spreken elkaars taal nog onvoldoende. Zorgaanbieders moeten gaan inzien dat beleggers instappen voor rendement, overzienbare risico’s, voor gebouwen die ook voor iets anders kunnen worden gebruikt dan zorg. Andersom dienen beleggers ook rekening te houden met de wensen en eisen van zorgaanbieders.”

Door de ontwikkelingen in de zorg verandert ook het veld van aanbieders van zorgvastgoed. “Het is een gemixt veld”, zegt Van Blokland. “Niet alleen beleggers, maar ook woningcorporaties dienen als aanbieder van zorgvastgoed. Projectontwikkelaars lopen daar ook nog weer tussendoor.” Zorgaanbieders en gemeenten completeren het speelveld. Hij plaatst een kanttekening bij de rol van die laatste. “Gemeenten hebben een cruciale rol in het leveren van zorg. Zij zijn als het ware de regisseurs in het veld. Als zij nieuwe grond uitgeven, dient zich daarbij een tegenstrijdig belang aan. Zorgvastgoed levert namelijk een lagere grondopbrengst op dan koopwoningen. Daar moeten gemeenten rekening mee houden in het uitzetten van de lijnen.”